headerImage

Wat kunt u verwachten?

Met de vlokkentest kan onderzocht worden of het ongeboren kind een chromosoomafwijking, een DNA afwijking of een stofwisselingsstoornis heeft.

Er wordt een beetje weefsel van de placenta (moederkoek) uit de baarmoeder weggenomen. Dit weefsel ziet er vlokkig uit; vandaar de naam vlokkentest. Een vlokkentest brengt een kleine kans op een miskraam met zich mee (0,5 - 1,0%).

Het wegnemen van het weefsel kan op twee manieren gebeuren: via de vagina of via de buikwand.  Voor beide manieren geldt het advies na de test een aantal dagen rust te nemen.

Via de buikwand
Als het weefsel wordt weggenomen via de buikwand, gebeurt dit met een naald. Met een echo-apparaat wordt de juiste plaats bepaald voor het inbrengen van de naald via de onderbuik. De vlokkentest via de buikwand kan tijdelijk een licht weeïg gevoel veroorzaken. Hierbij treedt meestal geen vaginaal bloedverlies op.


Via de vagina

Als het weefsel wordt weggenomen via de vagina, gebeurt dit met een dun tangetje of slangetje. U ligt hierbij op een gynaecologische onderzoeksstoel en er wordt een speculum (eendenbek) ingebracht in de vagina. Met behulp van een echo-apparaat kan de arts zien waar de moederkoek zit en zo wat weefsel wegnemen. De vaginale vlokkentest kan een licht pijnlijk, weeïg gevoel veroorzaken dat lijkt op menstruatiepijn. In de dagen na het test kan er een onschuldig weinig bloedverlies, soms met een klein bloedstolsel optreden.

Na de uitslag
Wanneer uit de vlokkentest blijkt dat de baby een chromosoom afwijking heeft, kunt u besluiten om de zwangerschap al dan niet voort te zetten. Een afbreking kan in dit stadium van de zwangerschap meestal via een curettage, zodat u niet via de natuurlijke weg hoeft te bevallen.